Cacao Beans & Pods

Column ‘koffieTcacao #8′:
Onmiskenbaar chocolade

Ergens diep in het Amazonewoud, dichtbij de evenaar, aan een boom, in een prachtig basebalvormig huisje, waren er eens 20 cacaobonen. Al wat ze kenden was het pikdonker en het zoete, slijmerige vruchtvlees waarin ze godganse dagen lepeltje lagen. Voor zover ze konden inschatten, was dat alles. Ze wisten niet dat een krioelend universum van licht en kleur en leven hen omsloot. Om de tijd te doden, zongen de bonen liedjes. Zonder onderwerp, maar uit volle borst, en in alle toonaarden, gewoon voor het plezier. Soms hoorden ze gezoem (een bij die op hun huisje kwam zitten), gekrijs (een aap), of getik (de regen). Dan zwegen ze, stil en eerbiedig, blij om het lied dat hun leven was.

Op een dag kregen de cacaobonen de schok van hun leven toen de warmte hen verliet en ze prompt een zucht wind over hun lijf voelden waaien. De bonen wisten niet wat wind, of lucht, was. Prompt gleden ze een houten kist in, langs de ruggen en de billen en de buiken van andere bonenfamilies, en vermengde zowel zoeter als zuurder vruchtvlees zich met dat van hen. Na het initiële tumult vormde zich een lied, een extatische samenzang die hen allemaal deed gloeien van genot. Algauw laafden ze zich aan elkaar, en veranderde het neuriën in een wauwelen. Zwijmelend verloren velen het bewustzijn, en dat was maar goed ook, want het plotse contact met de zon, die ze nog nooit hadden gezien, zou hen maar verblind hebben.

Toen de bonen wakker werden, voelden ze zich naakt. De zon straalde lustig op hun dorre lijf. Ze voelden de ruggen en de buiken van de andere bonen niet meer, en plots leek de wereld naar binnen te zijn gekropen. Hun zingen was brommen geworden, en er waren kleuren die hen deden reikhalzen en verlangen om nog meer zichzelf te worden. Het twijfelende verlangen verdween vluchtig terwijl ze langs elkaar tuimelden in verzengende hitte, waarna ze hun vel van zich af voelden schilferen. De meesten hielden het niet meer, en vielen in stukken en brokken door elkaar.

Als donkere kristallen, nu weer heel dicht bij mekaar, deelden ze zich op in alsmaar kleinere versies van zichzelf, giechelend om elkaar heen walsend, tot iemand plots hard begon te kreunen, en dan nog iemand, en nog iemand. Dit was geheel nieuw voor de bonen, die het gewend waren te zingen, te wauwelen of te brommen. De cacaobonen wisten niet wat suiker was, maar waren aangenaam verrast door het kriebelige schuren tegen hun ruggen en buiken. “We worden chocolade!” fluisterden de witte korrels in hun oor, alvorens ze het hart van de bonen, die nu koene kristallen waren geworden, binnendrongen. De bonen wisten niet wat chocolade was, maar openden zich met volle overgave aan dat witte gewroet, en stolden vervolgens, als was, tot wat ze altijd al waren, alleen beter en blijer: onmiskenbaar chocolade.

~~~~~

Dit is Pantoufle’s achtste column voor het magazine koffieTcacao. Het is een lofzang op het bean-to-bar proces van chocolade! Deze column vind je in hun achtste nummer, in de winkel of in jouw lokale koffieplek vanaf 11 juni 2013. Post je reacties op Facebook!

Illustratie: ‘Cacao Beans & Pods’, gevonden op Etsy.